Persbericht
Geweld in videogames: jongeren weerbaarder maken
Reactie van Ivo Belet op voorstellen van Europese Commissie
-----------------------------------------------------
'Jongeren afschermen van gewelddadige videogames is een illusie. We moeten hen weerbaarder maken en bewust leren omgaan met het fenomeen,' zegt CD&V Europarlementslid Ivo Belet, lid van de Commissie Cultuur en Onderwijs, naar aanleiding van de voorstellen die de Europese Commissie vandaag op tafel legt over videogames en de bescherming van minderjarigen.
De markt voor videogames is één van de snelst groeiende en meest dynamische Europese industrieën*. Vooral on-line videogaming op het internet wordt almaar populairder. Een bron van grote bekommernis daarbij is de verhuur en verkoop van extreem gewelddadige videogames. Spelletjes als 'Manhunt' of 'Mortal Kombat' verheerlijken zinloos en rauw geweld en zijn echt niet geschikt voor de jongste spelers.
De games in kwestie verbieden, gebeurt al in sommige landen. Maar de vraag is of dat zinvol is, of het geen averechtse effecten heeft.
Wat we zeker moeten doen -en dat stelt de Commissie nu terecht voor- is de invoering in heel Europa van het PEGI-informatiesysteem. PEGI staat voor Pan-Europees Games Informatiesysteem. De gamingfabrikanten hebben het een paar jaar geleden vrijwillig gelanceerd. Voor alle individuele games (in de winkel en op het net) wordt bepaald voor welke leeftijdsgroep ze geschikt zijn. Het PEGI systeem vervangt de verschillende nationale systemen door één Europees systeem.
In de meeste lidstaten wordt het PEGI rating system toegepast, maar niet overal is het omkaderd door wetgeving. In het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld mogen spelen zonder classificatie niet verkocht worden. In België wordt de PEGI classificatie louter informatief gebruikt.
'Die gewelddadige games verbieden of uit de handel halen heeft weinig zin want je kan ze toch via het internet of illegale downloads te pakken krijgen. Het verhoogt de aantrekkelijkheid van de spelletjes in kwestie vaak alleen maar. Daarom dringt een tweesporen-beleid zich op: enerzijds een uniform Europees systeem van leeftijds-aanduiding en productinformatie. Dat informeert gamers én hun ouders op zijn minst over videospellen die extreem geweld bevatten.
Daarnaast moeten we veel meer werk maken van zogenaamde media-geletterdheid. Dat wil zeggen: jongeren thuis en op school leren omgaan met gewelddadige en racistische beelden, zodat ze de grens tussen fictie en realiteit kunnen trekken. De enige manier om jonge gamers weerbaar te maken, is hen tot bewuste consumenten op te voeden, thuis en op school.'
Ivo Belet, lid van de commissie cultuur en onderwijs: 0479/98 38 71
Greet Gysen, woordvoerder: 0497/028 054
Noot aan de redactie:
*In 2006 bracht de verkoop van videogames in Europa ruim 6 miljard euro op en voor 2008 wordt een opbrengst van 7,3 miljard euro verwacht. De markt voor videogames is daarmee half zo groot als de Europese muzieksector en groter dan de sector van de filmtickets.