Persbericht
Straatsburg, 25 oktober
Extra geld om in het buitenland te studeren
Europees Parlement verhoogt Erasmus-beurzen
Studenten die een jaar in het buitenland willen studeren, krijgen hiervoor binnenkort een extra financieel steuntje in de rug van de Europese Unie.
Het Europees Parlement nam vandaag een voorstel aan voor een integraal actieprogramma op gebied van Levenslang Leren voor de periode 2007-2013. Het meest bekende subprogramma voor onderwijsmobiliteit is Erasmus, dat zich met meer dan 1 miljoen deelnemers ook het meest succesvolle mag noemen. In totaal trekt Europa voor de komende zeven jaar 6.9 miljard euro uit voor de verschillende programma's. Veruit het grootste deel van de koek (40%) gaat naar het Erasmus-programma. Europa wil dat zo tegen 2012 in totaal 3 miljoen studenten kunnen deelnemen aan het programma.
Voor de Erasmusstudenten betekent dit dat de beurzen verhogen van gemiddeld 150 euro per maand naar 200. CD&V Europarlementslid Ivo Belet had graag nog hogere beurzen gezien: 'De Erasmusbeurzen werden de laatste twaalf jaar niet meer aangepast. De nieuwe hogere beurzen reflecteren beter de reële levenskost en moeten ook minder gegoede studenten de kans geven een tijdje in het buitenland te studeren. Toch moeten we nog verder gaan: met het actieprogramma hebben we een belangrijke stap gezet om meer jongeren de kans te bieden een uitwisseling te doen, maar we moeten in de toekomst nog ambitieuzer zijn. Besparen in deze programma's is immers kortzichtig en in elk geval een gemiste kans voor de toekomst van de EU. We moeten nog meer investeren in onze jongeren en hen alle kansen geven tot een zo ruim mogelijke ontplooiing.'
Naast Erasmus, bevat het actieprogramma voor levenslang Leren nog drie andere programma's: Comenius voor lager en middelbaar onderwijs, Leonardo Da Vinci dat beroepsopleidingen steunt en Grundtvig voor volwassenenopleiding.
Ivo Belet wijst op het grote economische en culturele belang van het actieprogramma voor Levenslang Leren: 'Talenkennis en mobiliteit zijn twee zeer belangrijke elementen van een competitieve economie. Door programma's als Erasmus worden de mensen die morgen op de arbeidsmarkt stappen mondiger, flexibeler en competenter. Bovendien zijn deze programma's van onschatbare waarde voor de Europese integratie. We moeten daarom zoveel mogelijk jongeren de kans geven Europa zelf te beleven. Onze universiteiten en onderwijsinstellingen moeten hun steentje bijdragen door deelname aan deze programma's actief te promoten.'
Voor meer informatie:
Ivo Belet, Europarlementslid CD&V, 0479/983871
Pers: Greet Gysen, 0497/028054